De bekende eerste 100 dagen, een beetje gesmokkeld met de vakantieperiode, van mijn wethouderschap in Dordrecht zitten er alweer op. Het gevoel dat ze zijn omgevlogen. En dat is mede te danken aan het warme welkom dat ik in Dordrecht mocht ontvangen. Allereerst door de mede collegeleden, de medewerkers maar zeker ook de Dordtenaren en mensen van Dordtse organisaties. Misschien kwam het door mijn open uitnodiging aan een ieder die mij iets wilde vertellen over of laten zien van de stad, of gewoon kennis te maken onder het genot van een kopje koffie. In ieder geval liep mijn agenda snel vol en verkende ik Dordrecht op mijn fiets, langs verschillende locaties, bijeenkomsten en ontmoetingen op het Stadskantoor. Ik vind het best grappig als een collega nu zegt ‘hoe ken je die nou weer?’.
Het hielp mij om snel de ins en outs van de stad te kennen, zodat ik de dossiers die over mijn bureau komen beter kan begrijpen. Als wethouder wordt van je verwacht dat je richting geeft hoe in Dordrecht zaken worden opgepakt. Door de energiecrisis ben ik vanuit Duurzaamheid nu druk bezig met plannen hoe om te gaan met de effecten van de hoge energieprijzen. Wat kunnen we doen voor de inwoners, verenigingen maar we kijken ook naar onze eigen gebouwen. Temperatuur graadje lager, lichten uit. Maar ook naar grotere maatregelen als isoleren, zonnepanelen en waar het al kan over te stappen naar warmtenet. Ik zie dat veel Dordtenaren hier ook al mee bezig zijn.
Iets anders wat ik mooi aan Dordrecht vind is dat Dordtenaren trots zijn op de stad en deze nog mooier willen maken. Er lopen veel projecten om woningen te bouwen, veel meer groen en water te realiseren en er voor te zorgen dat de stad tegelijkertijd bereikbaar is maar ook een wandel- en fietsvriendelijke binnenstad heeft. Veel initiatieven vanuit de Dordtenaren zelf, waar ik graag langs ga. Kortom, na 100 dagen een positieve indruk en leuk om aan de toekomst van Dordrecht te mogen werken.